Ben Wellerdieck beeldend kunstenaar / architekt

Ben Wellerdieck, schilder
Ben Wellerdieck maakt abstracte schilderijen.
Maar wat is eigenlijk een abstract schilderij?
Het lijkt ten slotte altijd wel ergens op, en het materiaal, verf, papier, doek, hout, metaal, plastic, is nog altijd zo concreet als het maar kan zijn. Soms zitten er stukken tekst of fotoís in zijn werk omdat hij krantenpapier gebruikt om snel stukken van het schilderij te kunnen overschilderen waar de verf nog nat is. Die fotoís en teksten leveren soms (een veelal ironisch maar altijd bijkomstig) commentaar, de literaire betekenis speelt geen substantiŽle rol en wordt getolereerd zolang zij de maker niet stoort. Uiteindelijk gaat het hem om de beeldende kracht van het schilderij. Waarom is de ene verfstreek een nietszeggende veeg en roept een andere een grote verwachtingen wekkende poŽtische en mysterieuze wereld op? (En waarom ziet de een dat wel en de ander niet??) De abstracte wereld van klank en structuur van muziek is voor hem een belangrijke inspiratiebron.

Het vroege werk (1980 tot Ď86/í87) van Wellerdieck wordt gekenmerkt door grote contrasten (de eerste schilderijen alleen in zwart en wit), felle kleuren, energieke verfbehandeling: de euforie van een enthousiaste jonge schilder. Een euforie echter, die niet helemaal strookt met zijn gevoelens van weerzin tegen allerlei bedenkelijke maatschappelijke ontwikkelingen (bv. de afbraak, ook wel modernisering genoemd, van de zgn. verzorgingsstaat). In 1988 huurt hij een atelier op een industrieterrein in Diemen en daar vindt hij in de afvalcontainers van een staalconstructiebedrijf het materiaal -houten schotten en ruw afgezaagde panelen van verpakkingskratten - waarmee hij werken maakt die meer met deze gevoelens (onbehagen, woede, teleurstelling, cynisme, verdriet) in overeenstemming zijn. Wanneer in het begin van de jaren negentig de eerste grote staatsbedrijven als NS en PTT geprivatiseerd worden is wat hem betreft de sloop van de samen-leving een feit. Tien jaar lang raakt Wellerdieck geen kwast meer aan.

In die tijd is hij echter zeer productief als architect, de discipline waarvoor hij oorspronkelijk is opgeleid aan de TH in Delft. Hij ontwerpt dan in hoofdzaak kantoorgebouwen, veelal gesitueerd in rampzalige bedrijfsparken en profiteert op die manier van de luchtballon van het superkapitalisme dat hij in wezen zo verafschuwt... Sinds 2003 is hij weer aan het schilderen, en in zijn werken is te zien hoe gevoelens van walging wedijveren met een behoefte aan absolute schoonheid, waarbij dan weer het schone misschien walgelijk is en het walgelijke schoon...


Amsterdam, 12 augustus 2009